Dienst 12 april 2020

Orde van dienst voor Paasmorgen 12 april 2020

Voorganger: ds. Marianne Paas Feenstra

Voor de dienst
LIED Sta op, een morgen ongedacht

LIED Juicht, want Jezus is Heer
LIED Christus, onze Heer, verrees

LIED Jezus leeft in eeuwigheid

Welkom en mededelingen door ouderling van dienst

Aansteken van de (nieuwe Paaskaars)
(mensen thuis uitnodigen ook een kaars aan te steken)

De Heer is waarlijk opgestaan!
Halleluja!
In alle huizen klinkt een lied,
het hele land door:
‘U zij de glorie!’

LIED U zij de glorie

Bemoediging en groet

LIED ‘Daar juicht een toon’

Gebed

Goede God, het is een vreemde Pasen….
waar wij ons normaal gesproken op verheugden – dat gaat nu niet:
om hier in dit huis samen te komen
en met elkaar het feest van de Opstanding te vieren,
het feest van het nieuwe leven dat met volle kracht doorbreekt
en alles wat dood en doods is verjaagt…
Het is een vreemde Pasen,
nu we allemaal min of meer aan huis gebonden zijn
en afstand moeten houden van elkaar.
Dit ongewone, dit zo tégen ons verlangen in,
leggen we voor U neer.
Wij roepen tot U, wanneer het feest maar geen feest wil worden,
om alles wat ons verhindert om vrolijk te zijn,
om wat ons verhindert vreugde te ervaren.
Wij roepen tot U,
om alle angst en onzekerheid ons heen en in onszelf,
om het lijden van zoveel mensen,
om het bloed van onschuldige mensen dat maar blijft vloeien, om alles wat de goede boodschap lijkt tegen te spreken…
Om onszelf o God, ons falen,
ons tekortschieten,
ons gebrek aan liefde,
onze angst om te verliezen,
om wat ons verontrust,
om alles wat ons hindert om een heel mens te zijn,
roepen wij tot U, ontferm u Heer,
Christus, ontferm U.

Trouwe en barmhartige God,
wij verlangen naar tegenwoordigheid van Geest
om te blijven vertrouwen,
om te blijven geloven in de kracht van uw liefde.
Dat de woorden en de stilte,
de gebeden, gebaren en liederen
ons vandaag mogen raken,
ons mogen troosten en bemoedigen,
ons ondanks alles mogen vullen met diepe blijdschap.
Zo bidden wij tot u, in Christus’ naam.
AMEN

LIED Surrexit Dominus vere (Taize)

Inleiding op de dienst + aandacht voor liturgische schikking

Vandaag vieren we Pasen. We horen over een tuin waar het nieuwe leven in volle glorie zichtbaar wordt. Die tuin is vandaag verbeeld in de liturgische schikking op tafel: Het leven breekt overal weer doorheen, hoe droog en dor alles ook leek te zijn geworden. We hebben de veertig dagen volgemaakt tot op deze stip op de horizon: dat de dood niet het laatste woord heeft in het leven van mensen.

LIED Christus onze Heer verrees

Voor de kinderen – gekleurde eieren

LIED ‘Het leven krijgt weer kleur’

Schriftlezing Jesaja 30, 15 en 18-19

15Dit zei God, de HEER,
de Heilige van Israël:
‘In rust en inkeer ligt jullie redding,
in geduld en vertrouwen ligt jullie kracht.’
Maar jullie wilden niet.

LIED ‘Groen ontluikt de aarde’ NLB 625

Schriftlezing Johannes 20,1-18

1Vroeg op de eerste dag van de week, toen het nog donker was, kwam Maria uit Magdala bij het graf. Ze zag dat de steen van de opening van het graf was weggehaald. 2Ze liep snel terug naar Simon Petrus en de andere leerling, …

LIED NLB 918, Stem die de stenen breekt, gezongen door Elise Mannah

Meditatie

Gemeente van Christus,

Veertig dagen hebben we volgemaakt. De tijd van vasten en onthouding, de tijd van inkeer en bezinning mogen we vandaag achter ons laten. Vandaag mag het feest zijn! Vandaag is een dag om te juichen en uitgelaten te dansen en te springen… een dag om het leven voluit te vieren!

Maar vandaag klopt het niet helemaal. Want we zijn min of meer stilgezet. En niet alleen hier, niet alleen wij, maar ook om ons heen, dichtbij, maar zeker ook verder weg…

Over de hele wereld: stilgezet. En dat is een heel rare gewaarwording.

Het haalt ons meer dan ooit uit ons gewone doen. Het brengt ons in verwarring, het maakt ons verdrietig, chagrijnig, opstandig, moedeloos… de een reageert gelaten, een ander voelt angst…

Iemand liet me weten dat het echte ‘paasgevoel’ maar niet wilde komen. Daar worstelen we denk ik allemaal wel een beetje mee, met dat feest dat niet echt een feest wil worden. Want hoe doe je dat nu eigenlijk, om er echt een feest van te maken terwijl we allemaal ergens thuis achter ons eigen scherm meekijken en meeluisteren?

Misschien is het wel een beetje als een spiegel. Een spiegel voor de samenleving
die we waren geworden met elkaar. Al die individuen, vaak heel letterlijk afgeschermd van elkaar… Dat wordt steeds lastiger samenleven. Want hoe minder we elkaar echt spreken, hoe minder we elkaar echt in de ogen kijken en elkaars gevoelens en gedachten leren lezen, hoe minder we ons laten raken door een ander.

En hoe meer we de wereld alleen maar meer kunnen bekijken vanuit ons eigen standpunt.

Het maakt waarden als medeleven en compassie steeds ingewikkelder. Het maakt solidariteit en bescheidenheid steeds lastiger. Een stapje terug doen om een ander ruimte te geven? Dat is nog niet zo eenvoudig, want waar blijf je zelf dan? Om nog maar niet te spreken over al die goden die we intussen machtig hebben gemaakt, en waar we onze koers door laten bepalen.

We zijn stilgezet. Opeens gedwongen om op onszelf te blijven. Het lijkt wel of we nog steeds in die woestijn van inkeer en bezinning zitten, alsof de veertigdagentijd nog voortduurt. Waar gaat het nu eigenlijk echt om in het leven? Wat doet er werkelijk toe? En als het er op aankomt, als we worden teruggeworpen op onszelf en op onze kwetsbaarheid, welke mensen zijn er dan eigenlijk vooral nodig?

We ervaren het als crisis.

Nu reageren mensen altijd verschillend in een crisis.

Er zijn er die gelijk actief worden. Ze willen iets dóen! Ze gaan aan de slag, in huis, in de tuin, of doen iets voor een ander…

Op anderen werkt een crisis verlammend. Ze vallen stil. Het duurt een tijdje voor ze weer in beweging komen.

Nog weer anderen gaan eerst eens rustig zitten. Laten het op zich inwerken: wat gebeurt hier nu eigenlijk? Wat is er aan de hand? En wat dóet dat met mij?

Mensen zijn nu eenmaal verschillend.

Dat merk je ook in het Evangelie van vanmorgen. Ook daar is volop sprake van crisis.

Jezus is gekruisigd. Zijn dood is een schok voor vriend en vijand. Zijn vriendengroep lijkt uit elkaar gevallen. Angst overheerst. En verdriet.

Maria is in alle vroegte naar de graftuin gegaan. Verdrietig, vanzelfsprekend.

Ook zij is stilgezet. Haar wereld is ingestort. Inderdaad – het is nog donker. Zeker in haar leven. En het kost haar de grootste moeite om op te staan.

Wat ze gaat doen, wat ze zoekt, wat ze hoopt te vinden… we weten het niet. De ene mens gaat naar een graf om te gedenken. Een ander laat het graf voor wat het is en zegt: ik vind er toch niets meer….

Maar je kunt je goed voorstellen dat zij ergens op de een of andere manier toch houvast zoekt.

En je kunt je ook goed voorstellen dat het lege graf haar behoorlijk verontrust. Het maakt haar verwarring nog groter.

Bij haar vrienden vindt ze gehoor – haar ongerustheid slaat op hen over, ze gaan met haar mee… Rennend naar de graftuin. De één gaat naar binnen, de ander aarzelt,
gaat dan toch ook… Ook zij constateren een leeg graf. Maria heeft gelijk.

En ze gaan terug naar huis. Raar eigenlijk… Willen ze niet weten wat er aan de hand is? Zijn ze bang geworden na alles wat er zich heeft afgespeeld in de afgelopen dagen? Gaan ze over tot de orde van de dag? We horen er niets over. Alleen dat ze naar huis gaan.

Maria blijft. Tranen in haar ogen. Alles valt over haar heen, alle ellende van dat oneerlijke proces, de veroordeling, het verschrikkelijke sterven, de klap van de dood van een geliefde, en nu dit leeggehaalde graf…

Maria huilt.

Vrouw, waarom huil je?

Wat is dat belangrijk dat er iemand is die je uitnodigt om je verhaal te doen.

Iemand die jou zijn oor leent.

Dat je je kunt uitspreken, dat je onder woorden mag brengen wat er in je omgaat, wat je bezighoudt.

Dat je niet opgesloten blijft in jezelf. Met je verdriet. Met je onmacht. Met de vragen waar je niet uitkomt.

Waarom huil je?

Het uitspreken van haar verdriet brengt iets op gang. Het brengt haar in beweging. Ze draait zich om.

Jezus staat daar. Ze ziet hem wel, maar ze herkent hem niet. Nog een keer die vraag:

Waarom huil je? Wie zoek je?

Nog een keer mag ze vertellen. Kan ze haar verhaal doen. Komt ze dichter bij zichzelf, bij wat haar bezighoudt, wat haar leven tekent op dat moment.

De vragende stemmen helpen haar de weg naar binnen te gaan. Helpen haar stil te staan bij wat ze voelt. Uit te zoeken wat er nu werkelijk aan de hand is…

De man tegenover haar noemt haar naam.

Maria.

Dat je gekend wordt. Juist ook als je verdrietig bent. Juist ook als je verlies hebt geleden en eigenlijk niet goed weet hoe het verder moet.

Het horen van haar naam brengt weer iets teweeg. Het raakt haar. Die Ander ziet haar, kent haar, geeft haar ruimte.

Ze draait zich om.

Opnieuw.

Goed beschouwd keert ze Jezus – die ze eerst nog niet herkende als Jezus – nu de rug toe.

Ze ziet Hem niet, maar herkent Hem nu wel. Deze ommekeer verdiept haar inzicht. Deze ommekeer maakt dat ze Jezus herkent – als haar leermeester.

Het is alsof de woorden van de profeet hier waarheid worden.

En toch wacht de HEER op het ogenblik dat hij jullie genadig kan zijn; toch zal hij zich oprichten om zich over jullie te ontfermen. Want de HEER is een God van recht. Gelukkig de mens die op hem wacht. Volk van Jeruzalem, dat op de Sion woont, je hoeft geen tranen meer te storten. Want hij zal zich over je ontfermen als je weeklaagt, hij zal antwoorden zodra hij je hoort. De Heer zal jullie brood geven in de benauwenis en water in de nood. Hij die jullie onderricht gaf, zal zich niet langer verbergen. Met eigen ogen zul je je leermeester zien, met eigen oren zul je een stem achter je horen zeggen: Dit is de weg die je moet volgen.

Soms kun je pas achteraf zien, dat er engelen in je buurt waren om je te omringen toen je het moeilijk had.

Soms kun je pas achteraf zien dat God toch dichtbij was.

Soms kun je pas achteraf zeggen dat wat een eindpunt leek eigenlijk een nieuw begin was.

Soms kun je pas achteraf zeggen dat het leven toch sterker is dan de dood.

Het is tijd om op te staan voor Maria. Ze laat zich gezeggen.

Houd mij niet vast, zegt Jezus. Houd niet vast aan wat je hebt gezien en meegemaakt, houd niet vast aan de wanhoop die je hebt gevoeld, blijf mij niet kennen als degene die dood is, blijf niet hangen in je verlies…

Het is tijd om op te staan.

Ga dat zeggen tegen mijn vrienden, mijn broeders en mijn zusters.

Ga dat zeggen tegen iedereen die het horen wil. Dat het tijd is om op te staan. Want je bent niet alleen.

Jezus leeft – omdat God zijn naam nooit verloochent: Ik zal er altijd zijn voor jou…
AMEN

LIED Je bent niet alleen

Gebeden op Paasmorgen
(afgesloten met stil moment en gezongen Onze Vader)

Trouwe en barmhartige God,

Om U te danken zijn we stil geworden, met hart en ziel op U gericht.
Om U te danken voor die liefde die alle verstand te boven gaat,
voor het geschenk van het goede leven, dat sterker is dan de dood,
voor de mogelijkheid die U voor ons mensen steeds opnieuw opent,
de mogelijkheid van een hoopvol nieuw begin…
Wij danken U voor dit feest van opstanding,
voor mensen die daar van kunnen en durven getuigen.
Wij danken u voor Jezus die voor ons geworden is:
weg, waarheid en leven.
Die ons nabij is zoals nooit te voren.
Voor U telt 1,5 meter afstand niet….

Wij bidden voor wie zijn vastgelopen in schuld en schaamte,
voor wie verdwaald zijn in het leven,
voor wie wanhopig op zoek zijn naar een begaanbare weg,
voor wie blijven haperen in steeds weer hetzelfde lied,
voor wie het gevoel hebben dat de dood het laatste woord heeft.
Wij bidden voor wie rouwen,
voor wie verdrietig zijn
omdat ze iemand moeten missen van wie ze zoveel hebben gehouden.
voor wie verlies moeten verwerken,
voor wie verlangen naar genezing,
voor wie leven moeten met de dood voor ogen.

Wij bidden om vrede – voor al die plaatsen waar onvrede heerst.
Wij bidden om compassie en verdraagzaamheid – voor al die plaatsen waar hardheid en onverschilligheid heerst.
Wij bidden om een geest van dienstbaarheid om zo verbindingen in onze samenleving te versterken en te herstellen.
Wij bidden om tolerantie en openheid –
dat geen mens een ander uitsluit, ongewild en onbewust,
of juist doelbewust en gericht.

Voor onszelf bidden wij,
zoals wij ondanks alles toch bij elkaar zijn:
uw gemeente, met elkaar verbonden door Christus, de Opgestane Heer.
Dat wij hier en nu moedige getuigen zullen zijn,
dat wij volharden in liefde en trouw aan U,
aan elkaar en aan de wereld waarin wij leven
dat wij erop blijven vertrouwen dat een nieuw begin mogelijk is.

LIED NLB 1006, Onze Vader, gezongen door Elise Mannah

Digitale collectezak
Er is gelegenheid om uw gaven te geven. Dat kan, zoals iedereen inmiddels wel weet, via de digitale collectezak. Die vind je onderaan de webpagina waar je nu ook deze livestream volgt. Vanuit Kerkinactie is er een korte video, om de bestemming van de diaconale collecte toe te lichten.

LIED NLB 650 De aarde is vervuld

https://www.liedboekcompendium.nl/lied/650-de-aarde-is-vervuld-6_1_2

Zegenbede

LIED U zij de glorie