Uitgezonderd rouwstoet

Jezus sluit zijn verhalen vaak af met de oproep wel goed te luisteren (wie oren heeft om te horen, moet goed luisteren). Met een kleine variatie zou ik deze oproep willen toepassen op onze ogen: wie ogen heeft om te zien, moet wel goed kijken.

In het voorjaar valt er heel wat te zien in de natuur. Bomen en struiken die wel dood leken, krijgen nieuwe knoppen en lopen uit met vers groen. Droge bollen blijken vol nieuw leven te zitten en tonen zich in allerlei kleuren. En weilanden vol onschuldig dartelende lammetjes. De liedboekdichter Jan Wit heeft er een prachtige tekst bij geschreven: ’t Is alles een gelijkenis van meer dan aards geheimenis (Liedboek 2013 lied 978).

Pasen is vanouds een voorjaarsfeest. Het lijkt wel of we getuige zijn van de overwinning van het nieuwe leven op de dood. Wat een groeikracht: aangeraakt door de warmte van de voorjaarszon komt een hele natuur tot bloei. Pasen is het feest van het nieuwe leven. Een leven dat te midden van alle beperkingen leefkracht in zich draagt, een samenleven dat ondanks alle geschreeuw en onachtzaamheid vernieuwingskracht in zich draagt, een wereldleven dat te midden van alle onverdraagzaamheid toekomstkracht in zich draagt.

Soms zijn er onbedoelde getuigen. Ze spreken, zonder dat zij het zich beseffen, een allesbepalende waarheid. Ambtenaren in dienst van Pilatus spreken onder aan het kruis: Hij was werkelijk Gods Zoon (Mt 27,54). Waar de werkelijkheid van het leven wijst op dood en einde, getuigen deze ambtenaren van leven en toekomst.

Wie over het fietspad vanaf de Oostering (Pesse) naar de begraafplaats gaat ziet een merkwaardig bordje. Het verkeersbord duidt een doodlopende weg aan. Logisch trouwens, want de weg komt uit op de begraafplaats. Maar sinds vorig jaar geldt dat niet meer voor een rouwstoet. Ambtenaren in dienst van de gemeente Hoogeveen geven aan dat de weg niet doodloopt op de begraafplaats. Waar de werkelijkheid van het leven wijst op dood en einde, getuigen deze ambtenaren van leven en toekomst. Ik zou er voorzichtig voor willen pleiten alle uitvaartplechtigheden te laten beginnen in De Wenning. Of ook aan de kant van de Hoogeveenseweg zo’n getuigend bord te laten plaatsen.

Leerlingen van het eerste uur moesten de oren en ogen geopend worden. Bij de één door een engel, bij de ander door Jezus Zelf en bij een derde door het geloof van een vrouw. Hij is hier niet, Hij is opgewekt. En al bijna tweeduizend jaar klinkt er dwars door de werkelijkheid van het leven met zijn dood en einde, het verhaal van leven en toekomst. Opdat ook de leerlingen van ons uur de oren en ogen geopend worden.

Wat valt er veel te zien. Maar, dan moet je natuurlijk wel kijken! Ambtenaren openen je soms de ogen. ’t Is alles een gelijkenis van meer dan aards geheimenis.

Ds. Cees J. ’t Lam, april 2017