2020-06 – Overdenking

Hieronder een column van Eelco Kuiken uit de Meppeler Courant. Eelco Kuiken woont in Staphorst en hij schrijft altijd voor mij interessante overdenkingen en columns.

Hij zit met zijn geloof altijd tussen de hamer en het aambeeld, hij zoekt altijd het gesprek en de confrontatie op met gelovigen en ongelovigen en predikanten van allerlei kerken.
Hier volgt een overdenking van hem.

Namens de taakgroep pastoraat, Hilko Bakker

Ontkennen dat God er is, is als een vis die ontkent dat water bestaat

Laatst zat ik in de kroeg op een Waddeneiland. Het weer was bar slecht, maar de whisky en het bier in de zaak waren goed en dus was het gezellig. Na een paar glazen raakte ik in gesprek met mijn rechter buurman, een oude zeebonk die een lange reis achter de rug had, zowel fysiek als mentaal. Aanvankelijk leek hij wat stug, maar dat was hij zeker niet. De elementen hadden zijn gezicht gegroefd. Hij leek een beetje op Rolling Stone Keith Richards. Felle blauwe ogen in een gelaat dat op een mijnenveld leek. God zoals Hij in de Bijbel staat, kende hij niet. Maar toch was deze zeerot geen heiden. Integendeel. Op zijn reizen over de wereldzeeën had hij veel gezien en veel mensen gesproken. Hij was op zijn manier dan ook zeer gelovig.

‘Als je hebt gedaan wat ik heb gedaan en hebt gezien wat ik zag, dan weet je het zeker: er is Iets’, zo zei hij.
‘Ontkennen dat God er is, is als een vis die ontkent dat water bestaat, terwijl hij er middenin zwemt’, zei mijn gerimpelde buur. ‘God is overal om ons heen. In de woeste zee, de harde regen, de schoonheid van
de duinen, de lucht en de meeuwen.’ Zijn gouden oorring schitterde in het gele barlicht. ‘Wij bekrompen protestanten zitten in de bezemkast van een enorm gebouw’,
hield hij mij voor. ‘Het gebouw is vierhonderd meter hoog met duizenden gangen
en kamers, zalen en trappenhuizen. De wolkenkrabber is met een luchtbrug verbonden met een volgende flat met wederom duizenden kamers. Dit gebouw is aan
alle kanten verbonden met andere gebouwen. Wij zitten in een bezemkast en we
denken dat dit alles is. Meer is er niet, zeggen we tegen onszelf. We vinden zelfs dat
we een flinke ruimte hebben. Wij hebben het ware geloof gevonden. God, Jezus,
lijden en sterven, allemaal in de bezemkast. Maar ik heb op mijn reizen ervaren dat
Gods huis vele kamers heeft, het staat zelfs in de Bijbel’ zei hij.

‘Je moet wel lezen wat er staat en niet lezen wat je wilt dat er staat. Mensen lezen, kijken en horen met kleppen op. Alleen wat ze willen, komt binnen. De rest bestaat niet of wordt afgekeurd. Die rest is zeer interessant. Overal in de wereld sprak ik mensen over God. Iedereen had een klein vuurtje. Als je die vonkjes samenbrengt, heb je een goddelijk vuur. Het is kortzichtig om te denken dat jij het alleen bij het rechte eind hebt.’

‘Probeer de klink te vinden, die leidt naar een andere kamer en je zult zien dat het leven veel meer is dan een paar dogma’s. In al die kamers en al die gangen liggen kleine puzzelstukjes en ook in onze bezemkast ligt er een. Als je alle duizenden kamers door bent gegaan, kun je de puzzel leggen en pas dan heb je een idee wie God is, wat God is. Wij dolen rond in de bezemkast en vinden het best. Je weet niet wat je mist’, zei hij. ‘Het is bijzonder daarbuiten.’ Zijn drank was op, de mijne ook. Ik wenkte de barman om nog een pint te bestellen.

Eelco Kuiken

Dit artikel verscheen in Onderweg 22e jaargang, editie 6 (juni-juli 2020)