2018-03 – Kerkenraad

De kerkenraad geeft leiding aan de gemeente en wordt gevormd door de ambtsdragers van deze gemeente.

Afbeelding van vergadering van kerkenraad
©Protestantse Kerk

In het voorjaar zijn er veel kerkelijke activiteiten. Ieder jaar zijn er weer ambtsdragers aftredend en worden er weer nieuwe ambtsdragers gezocht. Ook tijdens de veertigdagentijd voor Pasen mag dit werk gewoon doorgaan en gaat het ook door. Aan de hand van het beleidsplan mogen we ook in de veertigdagentijd werken aan:

  • Geloofsopbouw en geloofsoverdracht op komende generaties, nu en het gehele jaar door en hopelijk nog vele generaties door.
  • Een open geloofsgemeenschap zijn, waar mensen van alle leeftijden de zin van hun leven kunnen en mogen vinden.

Om daar invulling aan te geven is het belangrijk dat de kerkenraad zo goed als mogelijk op sterkte blijft. Veel handen maken licht werk.

Met het oog op de vervulling van de door de kerkenraad te verrichten taken stelt de kerkenraad het aantal ambtsdragers vast. In de kerkenraad dienen alle ambten aanwezig te zijn. Wij hebben gekozen voor een kerkenraad met werkgroepen / taakgroepen. Kenmerkend voor dit model is dat de kerkenraad een deel van zijn taak toevertrouwt aan zijn breed moderamen (ofwel de kleine kerkenraad) en aan de secties en werkgroepen. Het idee hierachter is dat veel kerkenraadsleden zo meer tijd hebben te besteden aan de werkgroep / taakgroep waarin hij of zij werkzaam is.

Het leiding geven aan de gemeente

De voornaamste taak van de kerkenraad is het leiding geven aan de gemeente, zo staat het omschreven in de Kerkorde: Ordinantie 4, artikel 6 t/m 13. Daarbij gaat het om:

  • de zorg voor de dienst van Woord en sacramenten;
  • het leiding geven aan de opbouw van de gemeente in de wereld;
  • de zorg voor de missionaire, diaconale en pastorale arbeid en de geestelijke vorming;
  • het vaststellen van het beleidsplan ter zake van het leven en werken van de gemeente;
  • het opzicht over de leden van de gemeente voor zover hem dat door de orde van de kerk is opgedragen;
  • de zorg voor de vermogensrechtelijke aangelegenheden van de gemeente;
  • het bevorderen ter plaatse van de gemeenschap van de kerken;
  • het bespreken van zaken die door de classicale vergadering worden of zijn behandeld;
  • het vaststellen van de regelingen ten behoeve van het leven en werken van de gemeente;
  • het verrichten van alles wat verder naar de orde van de kerk van de kerkenraad wordt gevraagd.

Onder de bovenstaande omschrijving valt al het kerkenwerk wel ergens een plaats te geven. De kerkenraad hoopt dat het zoeken naar nieuwe ambtsdragers zijn vruchten mag afwerpen en dat we verder kunnen en mogen werken aan geloofsopbouw en geloofsoverdracht, ook in onze omgeving.

Namens het moderamen, Roelof Timmerman (voorzitter)

Dit artikel verscheen in Onderweg 20e jaargang, editie 3 (maart-april 2018)